Samen op zoek naar een nieuw paradigma


Social Media in de Praktijk

De invloed van mainstream media is tanende. Ze verliezen langzaam maar zeker hun autoriteit en geloofwaardigheid als objectieve nieuwsbron en ‘filter’ voor informatie. Hetzelfde geldt in feite voor alles wat geïnstitutionaliseerd is, of het nu overheidsinstellingen zijn of grote merken.

Noem het een ‘teken des tijds’. Oude marketing- en communicatiestrategieën uit het 1.0-tijdperk, die veelal gebaseerd zijn op zenden vanuit die autoriteitspositie, verliezen effectiviteit. Individuen, of je ze nu ‘burgers’ noemt of ‘consumenten’, verruilen massaal deze oude filters voor nieuwe, in de vorm van ‘people like me’, nog steeds te vinden op feestjes en in de kroeg, maar tegenwoordig op veel grotere schaal online: in de social media.

‘Iets met social media’ moeten
Inmiddels zien de meeste marketing- en communicatieprofessionals dit onder ogen. We beseffen dat we ‘iets moeten doen met social media’, maar het probleem is dat de meesten van ons geschoold en gevormd zijn in het 1.0-tijdperk. Zelfs de nieuwe generatie professionals, die net uit de schoolbanken komt, heeft grotendeels les gekregen van ‘oldschool’ vakmensen en docenten, met 1.0-praktijkcases en modellen, en denken binnen het 1.0-paradigma. Het gevolg is dat te vaak 2.0-middelen op een 1.0 manier worden ingezet. Organisaties en bedrijven meten zich een Facebook- en Twitteraccount aan en gebruiken deze zoals ze voorheen de direct mail of digitale nieuwsbrief inzetten. Ze blijven inzetten op zenden en overtuigen, met steeds minder effect.

Klaar met de hallelujaverhalen
Op zoek naar inspirerende voorbeelden en praktijkcases heb ik menig ’social media event’ bezocht. Vaak (niet altijd, maar toch wel vaak) bekroop me dan het gevoel dat de sprekers ook niet helemaal doordrongen waren van het feit dat social media meer zijn dan nieuwe tools, dat deze middelen een exponent zijn van een veel grotere maatschappelijke verandering die wereldwijd gaande is, gebaseerd op nieuwe principes en spelregels. Te vaak bleek een ‘workshop’ een algemeen hallelujaverhaal over de kracht van social media, met voorbeelden uit Amerika, van drie jaar geleden. Of erger nog: een ordinaire sales-pitch voor een nieuwe tool, of een slecht onderbouwde opsomming van ‘trucs’ om je online exposure te vergroten, door een zelfbenoemde ’social media guru’.

Wat succesvol bleek
De frustratie hierover, in combinatie met de behoefte aan goede praktijkvoorbeelden, vormde voor Stephan ten Kate en mij de aanleiding om dan maar zélf een event te organiseren met professionals van eigen bodem, de early adopters die al gepokt en gemazeld raken en die hun kennis en ervaring met ons delen. Hoe hebben zij social media ingezet bij Nederlandse bedrijven en overheidsinstellingen? Wat bleek succesvol? Wat mislukte en hoe kwam dat? Wat kunnen wij van hen leren en hoe kunnen we elkaar en het marketing- en communicatievakgebied verder brengen in het 2.0-tijdperk?

Samen verder in het 2.0-tijdperk
Ik behoor als communicatieprofessional zelf tot de doelgroep van het event, en ik ben ervan overtuigd dat ik er veel van ga leren, niet alleen door de sprekers die hun medewerking verlenen, maar minstens evenzeer door de bezoekers, allemaal professionals uit verschillende disciplines van het vak. Ik kijk ernaar uit op 27 oktober met hen van gedachten te wisselen in Seats2meet Maarssen, tijdens het event Social Media in de Praktijk.

Dit blog verscheen tevens als gastblog op  de website van The Next Women




Social Media Policy generator… Waarom niet?


Ik zag de link via twitter. @Pauldeligne liet weten: “Ik heb net een social media policy voor VLM samengesteld met de PolicyGenerator! policygenerator.nl via @marketingmonday” Een Policy Generator? Nieuwsgierig klikte ik op de link. Ja hoor écht: een Policy Generator. In slechts enkele muisklicks (!) ben je van het hele gedonder af. En al die communicatieprofessionals zich het hoofd maar breken over dit onderwerp…


Social media policy, klaar terwijl u klikt!
Alles in mij verzet zich tegen zo’n oplossing, maar waarom eigenlijk? Wat is er mis met standaardiseren van de minst leuke kant van social media op het werk? Waarom zou je , zoals @Slindenhof via twitter deelde, ingewikkeld doen over iets wat op twee A4-tjes moet passen?

Ik kan wel een paar redenen bedenken, maar anderen lijken enthousiast, dus ik besluit het te proberen.
Ik klik op de startknop en vul alle velden van stap 1 in: mijn naam, adres, functie, naam van mijn bedrijf. KlikDoor naar stap 2: hier hoef ik alleen aan te vinken of het in mijn bedrijf wel / niet is toegestaan om tijdens werktijd in te loggen op social media en of wij als bedrijf wel / niet actief zijn op social media. Klik, klik. Volgende stap: Vink aan welke afdeling(en) actief zijn op social media. Ik kan onder andere kiezen uit Marketing, Sales, Communicatie, HRM, Customer Service… Klik, klik. Volgende stap (dat gaat vlot!). Ah kijk: hier zie ik staan dat de Social Media Policy die de generator dadelijk voor me zal uitpoepen aangevuld dient te worden met een Social Media Handleiding. Heeft mijn bedrijf die al? Ja / nee. Klik. Volgende stap: Wie is de persoon die zich gaat bezighouden met het opstellen van de handleiding? Of ik diens contactgegevens wil invullen. Ik vul mijn eigen gegevens in (er staat bij dat die gegevens niet gebruikt zullen worden voor commerciële doeleinden). En lijkt het me handig om tips te ontvangen van Marketing Monday over het opstellen van de handleiding? Zo ja, dan aanvinken. Klik. Volgende stap: worden er logo’s en ander beeldmateriaal gebruikt op social media? Zo ja dan hier uploaden! De generator gaat op basis van de informatie die ik heb ingevuld (huh? Voornamelijk NAW-gegevens..) een policy voor me maken. Wordt me per mail toegestuurd. Klaar! Koffie?


Indekken tegen social media blunders

Het moge duidelijk zijn wat bovenstaande transactie inhield: ik heb MarketingMonday voorzien van bedrijfsinformatie binnen hun doelgroep, en in ruil daarvoor krijg ik een document dat mijn bedrijf als ‘beleid’ zou kunnen beschouwen. Er werd me tussendoor ook nog gratis een white paper aangeboden, dat ik kon downloaden. Voor wat hoort wat, dus niets geks aan. Business as usual en best slim bedacht.
Waar ik me wel zorgen over maak is dat er kennelijk mensen zijn die zo’n documentje uit de mail vissen en dan vinden dat hun bedrijf over een social media policy beschikt. Oké, er moet nog een ‘handleiding’ bij geschreven worden, maar ook daar is vast een generator voor. Klaar is Kees. Appeltje-eitje, waarom zou je hier meer tijd aan ‘verspillen’?
Laat ik die vraag met een wedervraag beantwoorden. Als je die ‘social media policy’ en bijbehorende handleiding eenmaal hebt gedownload, wat heb je dan? Een document. Of twee. Als je doel een document was, dat je op intranet kunt zetten, zodat je medewerkers kunt waarschuwen voor misstappen en zodat de organisatie is ‘ingedekt’ als er dan toch onvermijdelijk online-blunders worden begaan, dan heb je je doel inderdaad uiterst efficiënt (met minimale inspanning en tijdverlies) weten te realiseren. Gefeliciteerd!


Show, don’t tell! Ook online
Maar stel dat het je doel is je organisatie te helpen beter en effectiever te communiceren; haar te helpen social media te begrijpen, zodat ze op basis van kennis en visie de medewerkers kan empoweren om medemerkers te worden, zoals @RoosvanVugt dat bij Deloitte noemt. Zodat ze snappen dat twitter en facebook niet gratis versies zijn van de oude digitale nieuwsbrief, maar kanalen waar je je doelgroep beter kunt leren kennen door niet alleen te zenden, maar ook te luisteren, kanalen waar je de claims en beloften van je ‘mission statement’ en je ‘corporate identity’ niet alleen kunt rondbazuinen (onze organisatie is ‘open’! ‘transparant’! ‘innovatief’! ‘oplossingsgericht’! ‘mensgericht’!) maar waar je die claims ook kunt (en móet) waarmaken door het bijbehorende gedrag te laten zien.


Social media glad ijs?

Stel dat dat je doel is, als communicatieprofessional, dan brengt zo’n document van de Policy Generator je eerder verder van je doel af dan er dichterbij, is mijn idee.
Natuurlijk snap ik dat een jong, klein bedrijf met internet-savvy medewerkers daar niet zo veel moeite voor hoeft te doen, en dan is het prima om zo’n documentje van internet te plukken waarin de regels van het spel nog even staan verwoord, zoals @Slindenhof dat noemt: wel of niet het logo gebruiken, wel of niet de bedrijfsnaam in combinatie met je eigen naam. Dat soort dingetjes. Daar geef ik hem gelijk in, het zou zonde van hun tijd zijn om er te veel aandacht aan te besteden. Mijn zorg is dat ook andere organisaties, voor wie social media nog aanvoelt als ‘glad ijs’, ook denken het probleem op deze manier ‘efficient’ op te lossen.


Social media vragen om nieuwe attitude
Social media staan niet op zichzelf. Ze zijn een exponent van een veel grotere verandering in de samenleving en die verandering vraagt om een nieuwe attitude van organisaties in hun contact met mensen (of die mensen nu ‘burgers’ zijn of ‘consumenten’). Dit vraagt om een nieuwe visie op communicatie, PR en dienstverlening. Het vraagt om een nieuwe houding en nieuw gedrag van medewerkers in alle lagen van de organisatie, het vraagt om nieuwe kennis en vaardigheden, nieuwe tools en technologieën. Niets daarvan komt tot stand met een gedownloade policy en een handleiding.


Het begint met bewustwording
En bewustwording krijg je als je mensen aanzet tot nadenken, als je de dialoog aangaat en samen tot een policy komt op basis van een gedeelde visie op de organisatie en haar omgeving. Dat duurt een stuk langer, ja. En uiteindelijk komt er óók vast een document op intranet te staan, en het zou zelfs zo kunnen zijn dat dat document voor 2/3 overeenkomt met het stuk dat de ‘generator’ heeft uitgepoept. Maar dat maakt niet uit, want het document is niet waar het om gaat. De policy is niet een doel, maar een middel om een nieuwe houding en gedrag te helpen ontwikkelen.
Om met Covey te spreken: There are no shortcuts! Eerst ploegen, zaaien, sproeien, stutten, bemesten, wieden… en dán oogsten. Ook online.

Wil je weten hoe bedrijven als Deloitte, IBM, KLM en SNS-Reaal dit aanpakken? Ontdekken wat verschillende overheden, Non-profits en ZZP’ers eraan doen? Kom dan 27 oktober naar Social Media in de Praktijk! Daar delen 20 topsprekers uit het bedrijfsleven én de overheid hun praktijkervaringen met je. Hoe hebben zij het aangepakt? Wat werkte en wat niet? Welke lessen hebben zij hieruit getrokken en hoe kun jij je voordeel hiermee doen? Laat je inspireren! #socmedprak




Een community van narcisten? #instagramwalk020


#ContradictioInTerminis

Aan mijn blogavontuur in 2005 hield ik wel een bijzondere band over met Anna Maria – @Puur – en enkele andere bloggers, maar ik was toen al te laat om echt deel uit te maken van de vroege blog-scene. En op twitter kwam ik al helemáál laat aanzetten, in mei vorig jaar. Ook daar miste ik dus de kans om aan de wieg te staan van een nieuwe online community.  Maar afgelopen zondag was ik wél op de allereerste #Instagramwalk020! Een bijzonder event, georganiseerd door – who else?- @puur, samen met @RoosvanVugt en @Slinderhof.
Het was zondagochtend en fantastisch strandweer, maar desondanks vulde Café Ovidius zich met vogels van verschillende pluimage die één ding met elkaar gemeen hadden (oké, twee): hun enthousiasme voor instagram en waarschijnlijk hun zwak voor @puur ;o)
@MarcDubach kwam er bijvoorbeeld helemaal voor uit Eindhoven en kreeg daar geen spijt van. Hij vertelde me dat hij hetzelfde sfeertje proefde als in de begindagen van twitter, toen een klein groepje mensen met gedeeld enthousiasme de mogelijkheden van dit nieuwe medium ging verkennen. Daar kan ik dus niet over meepraten, maar wat was het fijn! Professionele fotografen en professioneel uitgeruste amateurs, een enkele instagram-celebrity met duizenden volgers, marketeers, kunstzinnigen en opgetogen nieuwsgierigen kropen gezellig bij elkaar om kennis, ideeën en vooral beelden uit te wisselen.
Maak nu niet de vergissing –zoals ik aanvankelijk – te denken dat Instagram een applicatie is om foto’s te bewerken! Instagram is een sociaal medium.
In feite is Instagram het nieuwe twitter. Het is een platform waar je nóg meer dan op twitter je leven online kunt delen, omdat een plaatje oneindig veel meer zegt dan een tekstje van 140 tekens; zeker als je dat plaatje zo kunt bewerken dat het nóg meer zegt over jou, over hoe jij kijkt, hoe het leven er door jouw ogen uitziet. De kleine details, de grote verhalen… spelend met filters kun je het onzichtbare zichtbaar maken.
Maar de belangrijkste feature is de reactiemogelijkheid. Anders dan op twitter hoef je daarvoor niet perse in de weer met je touch screen toetsenbord (zo onhandig onderweg). Het kán wel, maar je kunt ook volstaan met een enkel tikje van je vinger op het hartvormige like- (of is het love-?) knopje om de maker van een plaatje te laten weten: ‘ik zie wat je bedoelt en ik vind het mooi’.
Zondag heb ik tot mijn grote vreugde kennis gemaakt met uiteenlopende typen instagrammers (vive la différence!). Je hebt wat ik noem de inzoomers: zij maken met veel randapparatuur haarscherp zichtbaar wat objectief waarneembaar zou zijn als onze ogen macro-lenzen zouden hebben: haarscherpe beelden van de oogjes van insecten, de haartjes op een spinnepoot, de weerspiegeling van een grasspriet in de bolling van een dauwdruppel etc. Fantastische werken die een abonnement op de National Geographic bijna overbodig maken. Dan heb je de artistiek-geometrici: zij toveren uit alledaagse landschappen en voorwerpen de meest fantastische patronen tevoorschijn. Was je nooit eerder opgevallen, maar in bijna alles is een waanzinnig lijnenspel te ontdekken, zie je nu!
Dan heb je de poëtische zielen. Zij maken van elk plaatje een woordeloos gedicht. Soms een ingetogen haiku (vaak met earlybird-filter), soms een hilarische limerick. En dan heb je de snapshotters, hun gaat het er vooral om real time te delen wat er om hen heen gebeurt, met weinig opsmuk. En verder ook nog de ijdeltuiten, die voornamelijk foto’s van zichzelf posten. En natuurlijk heeft iedereen een beetje van alle typen in zich :o) Het is niet in woorden te omschrijven hoe inspirerend een fotostream met zo veel variatie is.
Grappig is het ook te ontdekken dat er verschillende stromingen zijn binnen instagram. De inzoomers werken bijvoorbeeld met state of the art fototoestellen en/of externe macro-lenzen voor de iPhone. Lijnrecht daartegenover staan de IG’ers die ik iPuristen ben gaan noemen. Zij vinden dat een ‘échte instagrammert’ alleen foto’s maakt met de iPhone en de foto’s ook alleen met instagramfilters bewerkt. In mijn ogen een beetje gek, alsof je tegen een dichter zou zeggen: je mag alleen woorden uit het groene boekje gebruiken, of tegen een schilder: alleen acrylverf in primaire kleuren toegestaan! Heerlijk was het dan ook om @ikbendaf tijdens de #instagramwalk020 te horen vertellen dat zij met álles fotografeert, van iPhone tot polaroid en van sardineblik tot digitale spiegelreflex. Het doel, verrassen met een mooi plaatje, heiligt alle middelen. Amen!

Maar zo zijn er wel meer verschillen in instagram-mores. Een andere deelneemster van de #instagramwalk020 – haar naam noem ik om veiligheidsredenen niet – vertelde me over het bestaan van een maffiose sekte die zich de IG-family noemt (o.i.d). Lid worden kan alleen via een invite, en om je lidmaatschap te behouden moet je verplicht (!) elke foto van elk ander “family-lid” liken (mocht je je ooit hebben afgevraagd hoe het kan dat sommige middelmatige foto’s de popular-page halen, dan weet je het nu :o). Er worden ook “contests” uitgeschreven waar je verplicht aan mee moet doen, en zo zijn er nog wat dwingende regels. Het schijnt een matriarchaat te zijn, en het opperhoofd is niet voor de poes, als ze je verstoot blijft ze je met een apart account stalken. Hoe anders is de sfeer onder de deelnemers aan #instagramwalk020! Los van de individuele drijfveren lijkt er een gemeenschappelijk doel boven te drijven: ‘het leven verlengen’ zoals @Rust het zo mooi noemt, door bewuster te kijken, en door te genieten van de schoonheid van ‘de kleine dingen’ zoals @MarianneHope zegt, en elkaar daarbij een handje helpen door tips uit te wisselen over extra app’s en filters, ruimhartig en liefdevol. Er waren bij de #instagramwalk020 overigens twee personen die zelf niet instagrammen: de een was @KeesBteA, die voor de gezelligheid @iriswildeboer, @RSvanGarderen en mij van Alkmaar naar Amsterdam bracht en de foto’s van die dag op Flickr deelde, de ander was een journaliste van het Parool. Zij vroeg zich af of instagram narcistisch is. Zucht…
:o)

Nagenieten kan hier, hier en natuurlijk hier!




Social Media in de Praktijk, een meta-experiment


Hoe dat dan gaat: twee mensen die elkaar niet kennen – zélfs niet van twitter –  zijn op hetzelfde Social Media Event aanwezig. Via de hashtag voor die dag ontdekken ze dat ze beiden even teleurgesteld zijn over het event. De grootste irritatie betreft een ‘workshop’ monitoring, wat een schaamteloze salespitch blijkt te zijn. Die teleurstelling, die ze online uiten, zetten @Stenkate en @MarianaOud via twitter om in enthousiasme om een écht goed event te organiseren over social media in de praktijk. Géén salespitches, géén beschouwende colleges over de kracht van social media, want dat weten we nu wel. Maar wel: een event waarin early adopters hun kennis en vooral hun praktijkervaringen delen met de professionals die nu aan de slag willen met social media.  Kortom: het event waar ze zelf zo graag naartoe wilden.

Over social media dus Via social media
Die early adopters zitten natuurlijk allemaal op twitter, dus via dat kanaal worden ze ook benaderd. En het werkt. Geweldige ervaringsdeskundigen als Ronald van den Hoff, Ina Strating en Jan Willem Alphenaar zeggen via twitter ‘JA’ tegen ons event.  Met Storify en een Googledoc maken we zichtbaar wat we van plan zijn en het lijstje met geweldige sprekers groeit: Cor Hospes, Roos van Vugt (Deloitte), Viktor van der Wijk (KLM), Andrada Morar (Ketchum-Pleon), Samuel Driessen (Entopic), Ap van der Pijl, Annet van Betuw, Susanne Post, Irene Frijlink, Gea Wolfslag… iedereen is enthousiast over het idee en wil een workshop geven. In no-time hebben we een lijst van zo’n 20 workshops, stuk voor stuk praktijkcases! Over de kracht van Social Media en de Twittercommunity gesproken!

Te vrijblijvend?
Maar hoewel een tweet of een berichtje via linkedin voldoende blijkt om mensen enthousiast te maken; het is natuurlijk niet voldoende om het event te organiseren. Ontmoetingen IRL, of desnoods telefonisch overleg blijken enorm belangrijk om de ‘spirit’ van het event (échte praktijkcaeses waarin dus ook de missers worden gedeeld in plaats van plastic promopraat), te bewaken. Hoeveel is een toezegging via twitter dan waard? Inmiddels hebben we de eerste bijeenkomst IRL gehad. Een kwart van de sprekers kwam opdagen en leverde waanzinnig goede input; van degenen die niet kwamen meldde 3/4 zich op tijd af en deden de meesten ook echt moeite om toch de gevraagde input te leveren. Een enkeling deed dat niet, maar verzekerde ons achteraf dit alsnog te zullen doen. Kortom: dit deel van het proces verloopt niet anders dan de ‘traditionele’ organisatie van een evenement. Maar dat het event zijn roots vindt in social media, en dat zulke geweldige sprekers zo snel en makkelijk toegankelijk waren voor twee mensen die nooit eerder een event organiseerden, blijft in mijn beleving een 3.0-wonder van communitydenken dankzij social technology. Een prachtige social media praktijkcase an sich!

Bezoek het event!
Het event gaat op 27 oktober plaatsvinden in Seats2Meet Maarssen. Bekijk hier de line up van topsprekers en  Bestel hier je kaarten!  Om de prijs zo laag mogelijk te houden, en om in de spirit van social media in de prakijk te blijven, hebben we 0,- budget voor marketing. Het event moet dus via de kracht van de social media community een succes worden. Help je mee? Tweet! Retweet! LIKE! +1 ! Dank je wel :o)




De gatekeeper is dood. Lang leve de gatewatcher!


(Tragikomische eenakter)

- Gatekeeper: “twitter? Moeten we nog niet aan beginnen. Eerst een goed protocol zien op te stellen. Wie mag waarover twitteren? Wat moet de tone of voice zijn? Wie fiatteert de kernboodschappen? Hoe maken we het meetbaar? Er moet een goede set ge- en verboden komen. Stel je voor dat iedereen binnen ons instituut zomaar gaat twitteren. Over die toestand met de digiborden bijvoorbeeld. Het afbreukrisico is GI-GAN-TISCH…
- Gatewatcher: “Tja… De digiborden. Ik zie de laatste tijd vaker tweets over digiborden verschijnen. Wij zijn kennelijk niet de enige school die er problemen mee heeft…”   lees verder 




Freelancen: Het Nieuwe Werken ‘avant la lettre’


Zes jaar geleden was ik in verwachting van mijn derde kind. In Blíjde verwachting, laat daar geen misverstand over bestaan. Maar ik realiseerde me wel wat dit betekende: nóg minimaal vier jaar parttime werken en dus: met lede ogen toezien hoe alle interessante opdrachten naar anderen gingen, die wél vijf dagen per week op kantoor wilden zijn; mijn ontwikkeling op een laag pitje, omdat ook opleidingsbudgetten naar rato werden toebedeeld. Nóg vier jaar lang me in het zweet fietsen tussen de openingstijden van de crèche en de stipte begin- en eindtijden van ‘de werkdag’…   lees verder